|
|
artikel 1 6 tweede en derde lid zoals dat luidde voor het
|
| |
|
| Beschrijving: |
Artikel 1.6, tweede en derde lid, zoals dat luidde voor het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdelen C en D, van de Wet van 2 december 2020 tot wijziging van de Wet Kinderopvang in verband met enkele wijzigingen met betrekking tot het recht op kinderopvangtoeslag (Stb. 2020, 518) blijft tot een jaar na dat tijdstip van toepassing, indien de ouder:
Hoort bij: hoofdstuk 3 overgangs en slotbepalingen
- a. 6 indien de ouder op de dag voor dat tijdstip aanspraak had op kinderopvangtoeslag, en.
- b. 6 indien de ouder hij of zijn partner op dat tijdstip arbeid verrichtte, niet zijnde tegenwoordige arbeid waaruit inkomen uit werk en woning in de zin van de Wet inkomstenbelasting 2001 wordt genoten dan wel inkomen dat hiermee gelijkgesteld wordt op grond van artikel 1.6, vierde lid.
Paragraaf 2. Slotbepalingen.
Relatie met ouder: contains. Opgenomen in:
Bevat:
|
|
|
|
|
|
|